Diepe hersenstimulatie wordt vooral toegepast op vraag van de patiënt om de verstoring van het motorisch functioneren ten gevolge van de ziekte van Parkinson tegen te gaan. Diepe hersenstimulatie (ook bekend als DBS of Deep Brain Stimulation) heeft het meeste invloed op bewegingsstoornissen en zal de fluctuaties tussen ON- en OFF-perioden doen minderen. De ON-tijd wordt langer en de OFF-tijd is minder ernstig. Ook de stijfheid en de tremor nemen vaak af onder invloed van DBS. Traagheid en gangmoeilijkheden kennen minder verbetering bij deze behandeling.

Wat is DBS?

Bij diepe hersenstimulatie wordt een apparaatje in het lichaam ingeplant dat op regelmatige basis elektrische pulsen stuurt naar bepaalde delen van de hersenen. Bij mensen met de ziekte van Parkinson wordt de bewegingscontrole ontregeld door storende signalen in deze hersengebieden. De elektrische pulsen van de DBS onderdrukken de storende signalen, met een verbeterde bewegingscontrole als resultaat.

Het volledige DBS-systeem bestaat uit drie onderdelen: de elektrode(s), de verbindingskabel en de generator (neurostimulator of IPG). Afhankelijk van de lichaamsbouw van de patiënt wordt de generator onder de huid ter hoogte van de borstkas of de buik geplaatst. Van daar vertrekt er onderhuids een verbindingskabel naar de elektrode(s) in de hersenen. De elektrode is een dun draadje met metalen contactpunten dat via een klein gaatje in de schedel diep in de hersenen wordt aangebracht. Bij personen met Parkinson worden er meestal twee elektrodes geplaatst, een in elke hersenhelft.

Wanneer komt iemand met parkinson in aanmerking voor DBS?

De KU Leuven, Health House en de Universiteit van Keulen richtten samen een informatief patiënteducatieplatform op over diepe hersenstimulatie. Om in aanmerking te komen voor deze behandeling moet de patiënt volgens hen aan de volgende vereisten voldoen:

  • Er is officieel de diagnose gesteld van de ziekte van Parkinson.
  • De persoon is jonger dan 70 jaar of ouder dan 70, maar in bijzonder goede gezondheid (afgezien van de ziekte van Parkinson).
  • De persoon reageert goed op levodopa (uitgezonderd een eventuele levodopa-resistente tremor).
  • De te behandelen persoon ondervond bijwerkingen van sommige parkinsonmedicijnen.
  • Er is geen sprake van geheugenproblemen, een aangetast denkvermogen en/of een actieve psychiatrische aandoening.
  • De persoon lijdt niet aan een andere hersenaandoening zoals een infarct, multiple sclerose (MS) of hersentumor.
  • Andere aandoeningen die invloed hebben op de kwaliteit van leven en/of levensverwachting van de patiënt werden vooraf uitgesloten.

Let op

De Vlaamse Parkinson Liga heeft niet de bevoegdheid om specifieke vragen van medische aard te beantwoorden. Voor meer informatie over deze procedure verwijzen we je door naar je behandelende arts.